Zorgeloos in het hier en nu leunen

 
Met een dubbelklik op de tekening krijg je een groter beeld.

Dat ik zorgeloos in het hier en nu leun komt omdat ik ook echt weinig zorgen heb. Ik prijs me rijk. Onze kinderen gaan goed. Mijn ouders zijn allebei gezond ondanks hun hoge leeftijd. Het gaat goed met mijn vrienden. Ik heb hartstikke leuk werk. Hoe komt het dan toch dat ik me zo vaak uit die diepe ontspanning laat halen? Ik heb er een tijdje op gelet en het komt door wat ik ‘mijn spookjes’ ben gaan noemen. Zodra ik ontspan komen ze. Zoals het spookje van ‘het is niet goed genoeg’. Hup, ik spring uit mijn stoel! Om de was te doen, een artikel bij te schaven, toch nog even het huis opruimen. Mijn spookjes geven me voordat ik het in de gaten heb een vervelend gevoel. Maar als je gewoon een beetje op ze gaat letten, ze van een afstand bekijkt verliezen ze hun macht. Als je het goed bekijkt zijn het er maar een beperkt aantal en ze zijn niet eens creatief! De hele tijd is het dezelfde gedachte, hetzelfde spookje dat me op komt zoeken. Ook als er objectief weinig echte zorgen zijn! Hoe zal ik me nog kunnen ontspannen als er échte zorgen zijn, vraag ik me wel eens af. Ook een spookgedachte trouwens. Voorlopig dus maar zorgeloos in het hier en nu leunen.

Ergens over heen praten: wat het oplevert en wat het kost

Meestal praatte ze er overheen visual column Odette Meyer

Ik heb ontdekt dat ik makkelijk ergens overheen praat. Zo makkelijk dat ik vaak niet eens meer weet waarover. Wat het is dat aan mijn aandacht ontsnapt. Ik heb ook ontdekt dat ik beslist niet de enige ben die dat doet.

Simpel voorbeeld. Iemand vraagt hoe het met me gaat. Ik zeg: “Goed. Lekker druk bezig. Bla bla bla.” Wat ik niet zeg is dat ik me gisteren driewerf klote heb gevoeld. Op mijn vrije dag notabene. In dit voorbeeld is ‘het er overheen praten’ voor mezelf in ieder geval nog duidelijk. Voor de ander hoogstwaarschijnlijk ook. Ergens voelen we in de ‘onderstroom’ haarfijn aan dat wat de ander zegt niet klopt. Door de uitstraling, blik in de ogen of tone of voice (in mijn geval net iets te vrolijk opgeschroefd) weten we dat. Meestal praten we als vragensteller daar op onze beurt overheen.

Wat het me oplevert: ik hoef de ‘confrontatie’ niet aan te gaan. Ik denk dat ik zo de ander niet belast met mijn slechte bui. Of dat ik de ander ‘spaar’ door bijvoorbeeld niet te zeggen wat mij aan hem of haar opvalt. En door er over heen te praten, kan ik voor mezelf net doen alsof het er niet is…

Wat het kost. Daar kom ik dan vervolgens vaak op de hardere manier achter. Ik voel me eenzamer, want ik zeg niet hoe ik me werkelijk voel. Ik raak stapje voor stapje het contact met mezelf kwijt. Het wordt een kluwen van binnen: wat ik voel, vind of denk is diffuus. De kans is groot dat ik dan overschakel naar meer bla bla bla.

Let maar eens op hoe vaak je zelf of een ander over iets heen praat. En dat juist datgene wat niet uitgesproken wordt het meest waardevol blijkt. Tenminste als je het uitspreekt. Ben benieuwd naar je ervaringen!